Spero Etiam

Zin tegenzin onzin waanzin

Zin. Of ze goede zin had. Evy had altijd goede zin. Evy kon haar altijd het gevoel geven dat zij tegenzin had. Ze had slecht geslapen, mocht dat alles zijn? Ze kon nooit haar dromen onthouden, maar het waren geen fijne geweest. Van die dromen die ze had toen ze klein was. Dat ze een klein meisje was, dat ze onder de benen van de grote mensen doorkeek. Bang dat ze op haar zouden trappen.

     Tegenzin. Ja, ja, ze ging mee. Natuurlijk. Evy ging niet alleen, dat kon niet, je wist niet wat ze er allemaal uit zou gooien. Met haar veganistische clubje, oké. Als ze op het plein zaten met hun spandoeken, zelfs als ze iedereen uitscholden voor consu-onmensen, ze werden toch niet serieus genomen. Die kleren en zo'n pak havermelk in de hand, niemand keek echt. Ze kregen wel eens ruzie met de skinheads of de migrantenhaters, maar die waren zelf net zoveel outsider en dat wisten ze best.

     Evy zelf zag er goed uit, hip, al waren haar kleren vanzelf versleten, je zag het verschil niet met de echte. Zij had het, de blik, de gebaren. Dan viel het op als ze uitviel tegen een vrouw met bontjas of iemand die een flesje op straat gooide. Van die plastic soep in de Stille Oceaan, dat was al heel lang niet meer op televisie geweest. Evy kon Mieke verlegen maken.

     De mensen vertellen van de dieren die sterven aan plastic, natuurlijk had dat zin. Meer zin dan alles. Maar waarom dacht Evy dat ze luisterden? Oké, ze kreeg de mensen stil. Ze kon zich ongestraft superieur voelen. En Mieke vond het mooi, te horen bij iemand die het allemaal gewoon zei.

     Tussen de gewone mensen, in de massa op het plein, kwam de tegenzin als misselijkheid in haar op. Het stond al vol, het was al onmogelijk om vooraan te komen. Ze kwamen allemaal voor dat televisiemens, dachten zeker allemaal mee te mogen doen in haar show. Ze hadden gisteravond samen naar een opname gekeken zodat ze het mens zouden herkennen. Gewoon zo'n praatprogramma, maar dan ineens gaat ze met de microfoon de zaal in, vragen wat de gewone mensen er van vinden. Die gewone mensen weten dat natuurlijk, ze hebben zich er op gekleed en zien er allesbehalve gewoon uit. Nu gaat ze liveshows doen en begint op het balkon van hun stadhuis, tussen grote vrachtwagens, stadionlampen en luidsprekers. Duizenden mensen op het kleine pleintje, dat mens gaat ze heus niet allemaal vragen wat ze er van vinden.

     Evy was naar achter gelopen, naar de vrachtwagens, stond te stralen naar een paar snelle jongens met kabels in hun handen. Want dat kon ze ook, flirten. Mieke probeerde haar aandacht te vangen. Ineens trok Evy haar mee, achter een kabeljongen aan en toen stonden ze zomaar vooraan. De jongen legde een kabel en knipoogde naar Evy. Mieke protesteerde, het was niet rechtvaardig om zo vooraan te komen.

     “Mieke!” probeerde ze haar te dimmen. “Daar gaat het nu niet om. Ik heb wat te zeggen, ik heb het voorbereid, denk je dat die daar iets hebben om mee te komen?” en ze gebaarde naar de omstanders die met extatische blik zochten naar de grote Linda. Eén zin kreeg je, zei Evy gisteren. Eén zin zonder dat TV-Linda je onderbrak en het was live. Evy had natuurlijk de perfecte zin klaar en die zat vol met komma's en bijzinnen. De CO2, topsalarissen en macht van multinationals, alles zat er in. “Het moet wel gaan over die meiden uit dat ene land die nu liggen te sterven“, had Mieke tegengeworpen. Evy was er voor gaan zitten en had nog maar eens uitgelegd dat ze juist niet stierven, maar als weerloze seksslaven uitgebuit werden omdat hun volk geen andere manier had om de schuld te betalen die hun was opgedrongen door het kapitalistische systeem dat wij hier met ons allen in stand zaten te houden door bij Albert Heijn te winkelen en op egoïst-partijen te stemmen, zodat je rustig kon stellen dat wij die meiden eigenlijk verkrachtten, dag in dag uit. Mieke had maar heel even haar ogen neergeslagen. Altijd Albert Heijn, omdat ze daar een keer bloedsinaasappels had gekocht. Waanzin. Maar ze had alleen gevraagd: “Past dat allemaal in een zin?”

     Daar kwam TV-Linda. Ze begon, testte de microfoon, maakte wat grapjes, zodat het stiller werd op het plein. De show begon, de gasten kwamen, de mensen lachten en gilden, precies als op TV, maar dan echter. En harder. Mieke moest haar handen tegen haar oren duwen, was ze vergeten hoezeer ze het verafschuwde om in mensenmassa's te staan? Na een tijd kon ze zo niet blijven staan en verviel ze in de passieve houding van ondergaan en uitharden. Een geestelijke verkrachting, dacht ze nog, dat had ze ergens gelezen. Toen begon ze het leuk te vinden, die Linda was rap van tong.

     Plotseling stond ze vlak voor hen. De microfoon danste als een lokvogel heen en weer, mensen leunden over Miekes schouder om hun stem er in te krijgen. Tot de hand van Linda hem terug naar haar eigen mond bracht. De macht van die hand!

     “Maar wat moeten we doen dan? Wat kunnen wij nou doen?” vroeg ze schijnbaar naïef. Evy deed een stap en stond als niet te omzeilen vooraan, dus ze kreeg haar zin. Ze deed het perfect, bouwde zonder probleem de brug naar de zo lang voorbereide zin: “Wij moeten de arrogantie afwerpen dat het onze schuld niet zou zijn dat egoïsme de leidraad van de mensheid geworden is waardoor ergens heen vliegen boven CO2-uitstoot en broeikaseffect gaat, het aanbod van multinationals de rechtvaardigheid van minimumprijzen doet vergeten en de race voor het hogere salaris, letterlijk en figuurlijk …” Daar moest ze ademhalen en Linda draaide zich om. Evy riep hard dat ze nog niet klaar was, maar dat bereikte de microfoon niet, die was al weer bezig om veel minder mooi geformuleerde zinnen naar de huiskamers te sturen. Geld geven aan een goed doel of je vliegreis compenseren, de mensen wisten best wat je kon doen. Evy drong achter Linda aan, vocht ineens even leeuwinachtig als de andere provinciestadmeisjes en lokale punkbandhelden die allemaal op TV wilden komen, die allemaal dachten dat ze een betere wereld wilden, maar nu het er op aan kwamen niet zo erg geloofwaardig uit hun woorden kwamen.

     “Jij dan?” De grote Tv-presentatrice stak de microfoon dwars tussen een stel tienermeiden heen naar het lelijke eendje achteraan. “Wat vind jij, dat wil ik nou echt eens weten.” Het lelijke eendje staarde haar stom aan. “Kom op! Hoe kunnen we die mensen helpen daar aan de andere kant van de wereld?”

     Het meisje werd rood en wit en kreeg tranen in de ogen, de microfoon bleef maar voor haar mond hangen zodat het hele land haar zwijgen kon horen.

     “Waarom krijgt zij zoveel…” begon Evy. Mieke trok aan haar arm, ze vond dat het genoeg was, je moest Evy tot bedaren brengen als ze dreigde te verliezen. De kans was geweest en voorbij, bewuste mensen zijn niet in de meerderheid. Maar Evy wilde zich niet gewonnen geven. Ze drong door de menigte heen en timmerde op de rug van Linda die nog steeds slappe onzin aan het opvangen was.

     “Maar mensen,” strafte Linda ze af, “met een beetje minder vliegen en wat ecologische dit en dat, daar komen we er toch niet mee? Dat doen we nou al jaren!” Ze draaide zich om met een ruk, Evy verloor haar evenwicht en viel tussen de tienermeiden op het plein. Het was Mieke die ineens vlak voor de microfoon stond.

     Niet dat Linda haar zag, zij keek naar het podium, naar een van de snoermensen die haar een teken gaf. “Dus niemand die weet wat het probleem is?” riep ze en tuurde hoe ze het snelst op het podium terug kon komen. De microfoon slingerde slap aan haar pols tot iemand die pakte. Mieke. Haar hand sloot eromheen alsof het een trouwring was.

     “Egoïsme!” zei Mieke triomfantelijk. Zij had geen minuut nodig. Ze keek al omlaag waar Evy nou gebleven was.

     “Hoezo?” vroeg Linda ongekunsteld en pakte de microfoon compleet met Miekes hand. Mieke keek Linda niet begrijpend aan.

     “Hoezo: egoïsme?” vroeg ze weer. “Denk jij dat het helpt als ik de derde wereld een kaartje stuur?”

     “Nee, maar wel als je minder salaris te eist”, reageerde Mieke.

     “Mijn salaris heeft er niets mee te maken”, riep Linda geprikkeld en streek een haarlok uit haar gezicht.

     “Dat is anders precies het probleem”, zei Mieke die de microfoon nog steeds vast had, wat een macht! Ze kon doorpraten en tegelijk rondkijken naar het publiek. “Jij hebt toch hartstikke veel, dat krijg je nooit op! En als jij zoveel moet, moeten anderen dat ook, bankdirecteuren en voetballers en topambtenaren en al die anderen. Weet je hoeveel van ons door de crisis … Nee, ik ben nog niet klaar!” Linda graaide wild naar de microfoon, maar Mieke draaide zich om en liep al pratend naar het podium. Zo had ze het Linda zelf zien doen in die ene uitzending. “Iedereen gaat maar meer salaris eisen en dan dure wijnen zuipen en hoeren neuken om het op te krijgen …” Hoe zou Evy dit afmaken, zonder in herhaling te vallen?

     “Ik neuk geen hoeren, hoor!” riep Linda, zouden ze dat horen in het hele land?

     “Als jij eens begint met de helft in te leveren en al die anderen ook en …” Er kwamen van twee kanten potige jongens op haar af, ze was nog niet klaar! In een reflex sprong Mieke het podium op. “Als iedereen minder voor zichzelf eist, dan kan iedereen werk krijgen, want er is genoeg te doen! En dan hoef je niet zoveel CO2 uitstoot en dan is er geen geld voor hoeren en houdt die trafficking wel op en als we dat allemaal doen hier, kunnen ze in de derde wereld wat meer verdienen en dan … Nou, dan los je alles op!”

     Had ze applaus verwacht? Het was stil op het plein, ze zag ineens de camera's, een links en een rechts, de lampen, de niet-begrijpende gezichten van de toeschouwers, de ergernis van de televisiemensen en niemand die klapte. Onzin was het, zij had het niet voorbereid, ze zei maar wat ze dacht. Iemand riep: “Hoera!”. Ze legde de microfoon neer en sprong van het podium af, ze struikelde meteen maar werd door Evy overeind getrokken. De mensenmassa week een beetje uiteen om ze door te laten, het was vanzelfsprekend dat ze weg zouden gaan. Ze hoorden achter zich Linda het programma afsluiten, de leadermuziek klonk, maar zij liepen het plein al af.

     Waanzin. Ze zwegen de hele weg terug naar de studentenflat. “Waanzin was het. Sorry hoor!” zei Mieke. Evy snoof maar zei niets. Ze kwamen langs de biologische winkel en keken elkaar vragend aan.

     “Jij hebt in elk geval je minuut gehad”, zei Evy en trok haar mee naar binnen.

     “En het hele land heeft moeten luisteren”, antwoordde Mieke.

     “Er is vast iemand die het mooi vond”, troostte Evy.

 

     Als vanzelf bleven ze staan voor de chips. Drie vijfenzeventig voor een klein zakje, omdat ze biologisch zijn. Waanzin was het. Ze namen maar twee pakken mee.